
Dé aanpak om onderzoeksresultaten te vertalen voor de eindgebruiker De subsidieaanvragen binnen het programma Sport, Bewegen en Gezondheid (SBG) van ZonMw moeten voldoen aan een aantal criteria. Een daarvan is ‘Aandacht voor kennisoverdracht en implementatie’. Met het toepassen van de door de Vereniging voor Sportgeneeskunde (VSG) ontwikkelde methode Kennis Transfer Sportgezondheidzorg (KTS) kunnen onderzoekers invulling geven aan dit criterium. Het uiteindelijke doel van de KTS aanpak is het vertalen van de onderzoeksresultaten naar middelen en informatie die direct te gebruiken zijn door eindgebruikers. In dit document worden achtergronden uitgelegd en wordt de KTS aanpak verduidelijkt.
Begin 2010 is de Vereniging voor Sportgeneeskunde (VSG) gestart met een aantal pilots waarin de onderzoeksresultaten volgens de Kennis Transfer Sportgezondheidszorg (KTS) aanpak werden geïmplementeerd. Door de KTS aanpak is het mogelijk onderzoeksresultaten te vertalen naar direct bruikbare informatie en middelen voor de eindgebruikers (sporters; van beginner tot topsporter , inactieven en chronisch zieke mensen/mensen met een beperking). Ook kunnen vanuit de KTS aanpak intermediairen; zoals trainers/coaches en (para)medici van informatie en kennis worden voorzien. Daarnaast wordt ruimte gecreëerd om deze middelen op juiste wijze te verspreiden, zodat ze vindbaar zijn voor de eindgebruiker. De KTS aanpak is kort gezegd een andere, nieuwe manier van werken om te komen tot eenduidige en betrouwbare informatie voor de sporter. Tijdens de eerste pilots zijn verschillende groepen (onderzoekers, sporters, begeleiders, (para)medici en andere partijen) bij elkaar gebracht. De resultaten van de pilots zijn erg positief ontvangen door alle betrokkenen. Het belangrijkste is dat alle groepen altijd het gemeenschappelijk doel voor ogen houden: het op de juiste manier bedienen van de eindgebruiker. De aanpak vult als het ware het gat in de informatiestroom vanuit de professional (onderzoeker) naar de eindgebruiker. Aan de KTS aanpak liggen de onderstaande drie uitgangspunten ten grondslag:
De samenstelling van een KTS groep verschilt per onderwerp. De groep bestaat onder andere uit ten minste één of enkele eindgebruikers. Daarnaast kunnen, afhankelijk van de onderzoeksvraag, personen uit onderstaande disciplines of anderen worden toegevoegd:
De vertaalslag binnen de KTS groep levert ‘producten’ op. Dit zijn concrete eindproducten, gemaakt voor en door de eindgebruikers. De producten kunnen bijvoorbeeld (instructie-) filmpjes, cursussen, studiemiddagen, websites, artikelen, ‘bijsluiters’ met gevraagde informatie, etc. zijn. De producten worden op maat gemaakt, waarbij rekening wordt gehouden met de eindgebruiker. Aan jeugd wordt de informatie bijvoorbeeld anders aangeboden dan aan ouderen of aan chronisch zieken.
[top] Waarom moet de KTS aanpak in onderzoek worden toegepast? Veel resultaten van onderzoeken bereiken de eindgebruiker niet of nauwelijks. Vaak is het zo dat de eindgebruiker informatie vindt, maar dat de informatie niet praktisch toepasbaar is, het onduidelijk is waar de informatie vandaan komt of dat de informatie niet begrijpelijk is door bijvoorbeeld het taalgebruik. Met het toepassen van KTS wordt een brug geslagen tussen de kennis die verkregen wordt uit onderzoek en de praktische informatie en middelen waar de eindgebruiker wat aan heeft tijdens de sportbeoefening of in de dagelijkse praktijk. Door verschillende disciplines met elkaar te verbinden en de sporter centraal te stellen wordt de vertaalslag van de onderzoeksresultaten makkelijker. [top] Wanneer KTS? Voor een succesvolle implementatie van de onderzoeksresultaten moet hier al bij de onderzoeksaanvraag over nagedacht worden.Bij de aanvraag van subsidie voor het programma SBG bij ZonMw wordt specifiek aandacht gevraagd voor kennisoverdracht en implementatie. Voor dit onderdeel kan de KTS aanpak van VSG worden gebruikt. [top] Samenwerking is onmisbaar Bij een succesvolle implementatie van onderzoeksresultaten is het volgens de KTS aanpak noodzakelijk om verschillende organisaties in het traject te betrekken. Sommige organisaties kunnen erbij worden betrokken, omdat zij bijvoorbeeld beschikken over epidemiologische onderzoeksgegevens (o.a. TNO, RIVM, Consument en Veiligheid). Daarnaast zijn er organisaties actief op het gebied van sport en bewegen (o.a. NISB), zijn er vertegenwoordigers van eindgebruikers (o.a. NOC*NSF en sportbonden voor sporters en patiëntenverenigingen voor patiënten) en zijn er vertegenwoordigers van (para)medici, (o.a. VSG, NVFS en NSG). Naast deze genoemde organisaties kan, afhankelijk van het onderwerp ook met andere organisaties worden samengewerkt. Met welke organisaties het beste samengewerkt kan worden is afhankelijk van het onderwerp. De betrokken organisaties kunnen naast het (mee-)maken van de vertaalslag ook meewerken aan de implementatie van het eindresultaat. Via de kanalen van deze organisaties kunnen de informatie en de middelen die ontwikkeld zijn onder de aandacht van de eindgebruiker gebracht worden. [top] Verwerking KTS aanpak in call praktijkgericht onderzoek programma SBGIn de aanvraag voor de call praktijkgericht onderzoek ten behoeve van de aanvraag voor het programma SBG moet aandacht besteedt worden aan de mogelijkheden en voorwaarden voor implementatie van de onderzoeksresultaten in de (lokale) praktijk. Hiermee worden de onderzoeksresultaten optimaal geschikt gemaakt voor kennisoverdracht. In de call is aangegeven dat de KTS aanpak hiervoor gebruikt kan worden. Om onderzoekers op weg te helpen en na te laten denk over hoe de KTS aanpak ingezet kan worden hieronder een aantal vragen die het invullen van ‘Aandacht voor kennisoverdracht en implementatie’ kunnen vergemakkelijken. Voor onderzoeksvragen die direct voortkomen uit de praktijk (vraag vanuit eindgebruiker): 1. Waar komt de praktijkvraag vandaan? Voor onderzoeksvragen die niet direct voortkomen uit de praktijk (vraag niet direct vanuit eindgebruiker): 1. Is in de praktijk de behoefte gepeild naar dit onderzoek? En zo ja, hoe en wat zijn daarvan de uitkomsten? De onderstaande resultaten zijn behaald door uitvoeren van diverse activiteiten, deels voor de sporter en deels voor zijn of haar intermediairen. De belangrijkste resultaten van het pilot-project ENKEL zijn:
|